Magie in de Altenakapel:
Theater De Spiegel ziet Abraham

Verjaardagen moeten gevierd worden. Het zijn mijlpalen in een mensenleven. Het zijn momenten waaraan een mens zijn eigen tijdslijn meet en herkent. Het zijn ogenblikken van reflectie: vooruitkijken naar wat komt, maar - ook en vooral - terugblikken op wat is geweest. Vijftig jaar is zo’n mijlpaal. Als persoon weet je dan dat je in principe over de helft bent. En dat vanaf dan er wel wat sleet zou kunnen komen. De 50-jarige van dit artikel heeft daar echter helemaal geen last van. Wel integendeel. Gezien het succes gaat het steeds maar bergop.

(Klik op de foto voor een vergroting)

Het verhaal is ondertussen waarschijnlijk genoegzaam bekend. Felix Van Ransbeeck (°1923) begon in 1965 poppenkast te spelen voor en met zijn familie. En bij uitbreiding voor Altena, de buurt waar hij woonde.  En net op het ogenblik dat andere mensen ermee ophouden ging de Fé ermee door. Maar niet alleen: hij gebruikte zijn gezin en zijn huis als theatergezelschap en theater. Hij zette alles en iedereen aan het werk, want alles werd in eigen beheer gemaakt. Van poppen tot en met het decor.

Het lijkt misschien vanzelfsprekend, maar ga er maar eens aan staan: poppen ontwerpen, vervaardigen, aankleden, decors maken, attributen maken, je eigen verhalen schrijven of andere verhalen aanpassen, het poppenspel regisseren en tenslotte ook nog spelen. Felix was a man for all seasons.

En stilletjesaan werd het “poppenhuisje” aan de Antwerpsesteenweg te klein en de bende van Fé trok de boer op. Eerste dicht bij huis, maar de concentrische kringen werden steeds groter.

Zo was de familie Van Ransbeeck een graag geziene gast op de Intersoc-reizen (de vakanties voor jongeren en gezinnen van het christelijke ziekenfonds). Als missionarissen trokken ze met de vele koffers naar Zwitserland en traden er op voor honderden en honderden kinderen.

Waarschijnlijk zijn het net die optredens die ervoor zorgden dat het poppentheater landelijke interesse wekte. En Felix toerde daarna door het Vlaamse land.

 

(Klik op de foto voor een vergroting)

 

Het duurde ook niet lang voor zijn theater erkenning kreeg. In 1970 nam hij deel aan het landjuweel (wedstrijd voor poppen) met zijn productie Karel ende Elegast. Hij had voor deze voorstelling een uniek draaitheater bedacht. Terecht werd hij dan ook voor deze prestatie bekroond.

Theater De Spiegel ging ook internationaal, want Felix werd steeds vaker gevraagd als speler, maar ook als gastdocent. Hij maakte poppen voor diverse theaters in binnen- en buitenland. En er volgden heel wat succesrijke opvoeringen.

Een van de hoogtepunten was in ieder geval De lotgevallen van Willem Jeroens, een bewerking van Abraham Hans’ kortverhaal De Spaansche Furie.

Het verhaal speelt zich o.a. af in het Broekbos en het oud-gemeentehuis in ons eigenste Kontich.

Niet te verwonderen dus dat Felix negen jaar geleden de cultuurprijs van onze gemeente in de wacht mocht slepen.

 
 

De ganse familie nam deel aan de onderneming, maar het was de jongste zoon Karel die uiteindelijk de fakkel overnam.

Karel was op dat gebied – gelukkig maar – zwaar genetisch belast en hij vulde zijn praktijk aan met studies in Hongarije, een land met een grote traditie in het poppenspel.

En De Spiegel ging langzaamaan een andere richting uit. De kwaliteit bleef, maar het publiek werd steeds jonger. Nu speelt De Spiegel enkel nog voor de jeugd en er zijn zelfs voorstellingen voor kinderen vanaf drie maanden.

Een tweede evolutie is de muziek. Het gesproken woord geraakte steeds meer op de achtergrond, het muzische werd steeds belangrijker.

De Spiegel werd een muziektheater voor de allerkleinsten, waarbij fantasie, bewondering en verwondering door elkaar lopen en elkaar bevruchten.

En tegelijkertijd krijgen de volwassenen de kans om opnieuw de fantasiewereld van de kleintjes te betreden, een wereld die we allemaal hebben bewoond, maar meestal ook verlaten.

 

En ondertussen zijn we vijftig jaar verder. Poppentheater De Spiegel is een gezelschap met internationale faam. Het baanbrekende werk voor heel jonge kinderen wordt overal geapprecieerd en toegejuicht. En het gezelschap is op een vaste plek beland.

Om die vijftig jaar te vieren werd er een grootse tentoonstelling uit de grond gestampt. Plaats van het gebeuren was de Altenakapel, letterlijk op een boogscheut van de plek waar het poppentheater het levenslicht zag. Beter kon niet.

Herinneringstentoonstellingen zijn vaak saai en doen stoffig aan, omdat ze vooral op het verleden leunen. Deze tentoonstelling toonde ook het verleden, maar ze was helemaal niet bestoft en oubollig. Volgens mijn bescheiden mening is de Altenakapel met haar lange geschiedenis nog nooit zo mooi en stijlvol gevuld geweest.

De bezoeker stapte in een wondere sprookjeswereld binnen en kreeg een activerend (en interactief) overzicht van wat vijftig jaar poppenkast De Spiegel heeft betekend.

 

Van video-opnames in de biechtstoel tot een rek met poppen en accessoires. Van een heus atelier tot basisproducten – vaak wegwerpproducten – voor het vervaardigen van poppen.

Je liep dus door het verleden, maar niet op een rechtlijnig chronologische manier. Het waren eerder blikvangers die de aandacht trokken.

Met alles erop en eraan: alle zintuigen werden verwend. Ook hier een ontdekkingstocht voor de kleintjes.

In een theater – ook in een poppentheater - zit je voor het doek, maar in deze tentoonstelling ging het doek open en kreeg je een blik achter de schermen: zo zag je dat het poppenspel meer is dan alleen maar wat poppen hoog houden en op tijd en stond een stouterik laten verschijnen.

Aan de hand van een audiofoon kon je dan ook de petite histoire achter enkele poppen ontdekken.

Deze tentoonstelling zat museaal dus erg knap in elkaar. Toch willen we er twee magistrale zaken uit naar voren halen.

 
 

In de eerste plaats botste je onvermijdelijk op Wickie de Viking die vanuit zijn snek het geheel overschouwde.

Maar het mooiste staaltje was wel het uitzonderlijk mooie en indrukwekkende decor van De lotgevallen van Willem Jeroens.

Dat decor werd op het doksaal van de kapel geplaatst. Een waarlijk fantastische vondst die de hele tentoonstelling naar een – zowel letterlijk als figuurlijk – nog hoger niveau tilde. De skyline van Antwerpen keek neer op 50 jaar wonderbaarlijke geschiedenis. Met welbehagen.

Zou het geen fantastisch idee zijn om net dat decor op de hoogzaal zijn definitieve bestemming te laten vinden? Als eresaluut aan De Spiegel zou dit in ieder geval kunnen tellen, maar het zou tenslotte ook de borging betekenen van een stukje erfgoed dat zijn oorsprong vond in Kontich en van daaruit de wijde wereld veroverde.

Deze heerlijke tentoonstelling heeft met verve bewezen dat een lokaal initiatief op een prettige manier uit de hand kan lopen en uiteindelijk kan leiden tot een kwalitatief hoogstaand project dat nog steeds in staat is om jong en oud te betoveren. We zijn daarom Felix en Karel Van Ransbeeck en de hele familie erg erkentelijk voor deze enorme prestatie. En we wensen De Spiegel een fantasierijke toekomst.

Tekst en foto's: Paul Catteeuw (tenzij anders vermeld).
Uit het Informatieblad van de gemeente Kontich, oktober 2015.

Zoeken in onze website


 


 
Created: 21/10/2015
© 2003-2015 - MuseumKontich - Alle rechten voorbehouden